⠀⠀➜⠀Verander het tekstniveau

Welkom bij Loculy!

Wil je de tour graag doen met tekst voor volwassenen, of met tekst voor kinderen (vanaf 8 jaar)?

De tour is nu ingesteld op tekst voor volwassenen.

⠀⠀➜⠀Uitleg

Welkom bij je Loculy tour!

Wat leuk dat je op pad gaat om de verhalen van deze stad te ontdekken. We hopen dat je zult genieten van de verborgen verhalen, de verrassende weetjes en de levende herinneringen aan het verleden.

Zo werkt het:

📲  Swipe om naar de volgende of vorige locatie te gaan, of gebruik de pijltjes.
📍 Klik op de ‘Route’-knop op elke pagina voor een directe route in Google Maps.
🖼   Druk op een afbeelding om deze te kunnen inzoomen.

Mocht er iets onduidelijk zijn, dan kun je Wouter bellen op ‪+31 646142923‬.

Tijd om te beginnen. Veel plezier!

Kaartje met de route

De Sleutelroute

Hieronder vind je een kaart waarop we voor jou de leukste wandelroute hebben uitgestippeld. De bolletjes geven de locaties van je bestemmingen aan. Je kunt de kaart opslaan op je telefoon, er een screenshot van maken, of terug swipen als je ‘m wilt bekijken.

Leiden Centraal Station

Je startpunt is het Centraal Station van Leiden. Lang geleden, in 1842, kreeg Leiden zijn eerste treinstation. Het station begon als een klein huisje, vlakbij waar nu het Centraal Station is. De eerste trein was pas drie jaar eerder door Nederland gereden, dus dit was erg bijzonder voor de inwoners van Leiden!
Het nieuwe stationsgebouw in 1879.
In 1879 werd er een echte stationshal gebouwd. Nadat het station in 1944 bombardementen had overleefd die waren bedoeld om de Duitse spoorlogistiek te verstoren, werd het gebouw na de oorlog toch gesloopt omdat het te oud werd. De stationshal werd herbouwd, en door de jaren heen werd het station steeds groter en moderner. In 1996 werd het huidige station gebouwd, met veel glas en licht.
De schaatsbaan in Leiden, waar een stroomtrein langsrijdt (rond 1900).
Vanaf het Stationsplein gaan we op weg naar onze volgende bestemming.
Het station in 1968. Het logo van de NS is hier net een paar maanden oud!
Hoofdfoto (bewerkt, Michiel Verbeek): Wikimedia Commons, CC BY-SA 4.0. Foto’s 1879 en 1968: Wikimedia Commons, public domain. Foto 1900: Erfgoed Leiden, public domain.

Molen de Valk

Meel malen voor een groeiende stad

Daar staat ze. Hoog boven Leiden, trots en onverzettelijk: Molen de Valk. Al sinds 1743 draait ze mee met de tijd, letterlijk en figuurlijk. Stel je de eeuwen voor waarin deze molen meel maalde voor de Leidenaren, in voor- en tegenspoed. Zou je naar boven klimmen, dan zie je Leiden zoals de molenaar het zag: grachten, daken, kerktorens. Een stad die groeit en bloeit.
Molen de Valck (de eerste, lage molen die hier stond) in 1648.
De huidige molen is al de derde molen die hier is gebouwd. In 1611 werd hier een lage, houten molen gebouwd, die De Valck heette. In 1667 moest deze worden vervangen door een hogere molen, omdat Leiden zo vol werd gebouwd met hoge herenhuizen en andere gebouwen, dat de lage molen te weinig wind ving.

In de 18e eeuw was er een efficiëntere meelproductie nodig door het almaar groeiende aantal inwoners in Leiden. Er werd een nog hogere molen gebouwd, waarin meer maalstenen hun werk konden doen. Dat is de huidige Molen de Valk. Ook dit is een stellingmolen; de molen heeft een 'stelling' die het hoge bouwwerk ondersteunt.
De Maresingel in 1771. Je ziet de Marekerk, en de wieken van de (derde) Valk.
Vandaag de dag is de molen een museum, waar je de hele molen kunt bekijken. Je ziet hoe de molen zijn werk deed, maar ook hoe de woning in de molen eruitzag toen de laatste molenaar er nog woonde. Je voelt hier de passie voor het ambacht die het molenaarsvak vereiste.

Op dinsdag t/m zondag kun je tussen 10:00 en 17:00 het museum tegen entreekosten bezoeken. Maar, je kunt de molen ook gratis op je telefoon 'bezoeken'. Kijk daarvoor bij de opdracht.

De laatste molen de Valk in 1890.
Deze opdracht kun je doen als je genoeg tijd hebt, en de molen niet van binnen bezoekt. Op de website van de molen kun je een 3d-tour doen en door de hele molen wandelen. Druk op de deur van het museum om de molen in te gaan, en volg de icoontjes.
Klik hier om erheen te gaan.
Voor de maalstenen werd basaltlava gebruikt, een zeer hard vulkanisch gesteente, om slijtage zoveel mogelijk te voorkomen. Maar ook harde gesteenten slijten. Er belandde dus niet alleen meel in het brood, maar ook.. heel fijn steengruis! Dit werd voor lief genomen, maar resulteerde wel op grote schaal in ‘molenaarstanden’: extreme tandslijtage door het gruis in brood en pap dat als schuurpapier werkte.
Afbeelding 1648, 1771 en 1890: Erfgoed Leiden, public domain.

De Beestenmarkt

Ooit een veemarkt, nu een bruisend plein met horeca

De Beestenmarkt. Vandaag een levendig stukje stad vol terrassen en gelach, maar luister goed… en je hoort nog de echo van vroeger. Hier, op dit open plein, werden ooit allerlei dieren verhandeld: rundvee, schapen, geiten, paarden, varkens. Daarnaast was er handel in hooi, stro, leerproducten en zuivel. Hier hing de geur van kaas, stro en mest in de lucht, terwijl handelaren hun koopwaar luid aanprezen.
Eeuwenlang werd het vee vervoerd met trekschuiten, getrokken door paarden of mensen.
De wekelijkse Beestenmarkt ontstond rond 1660; de stad bloeide eindelijk op na de Tachtigjarige Oorlog en er was behoefte aan een aparte plek voor de handel in vee. Het werd één van de belangrijkste markten van Zuid-Holland. De ligging aan het water was ideaal; via schuiten over de Rijn konden de dieren makkelijk worden vervoerd.
De boeren overnachtten vaak in een herberg, hier te zien in 1658. Ze dronken bier, deden spelletjes, en… rookten wiet!
De horecagelegenheden zijn overigens niet nieuw; waar je nu een kopje koffie drinkt, zaten de veehandelaren eeuwen geleden om de tafel met een borrel om te onderhandelen. Vaak sliepen ze de nacht voor de markt in een herberg, om de volgende dag rond zes uur 's ochtends klaar te staan op de markt.

Pas rond 1930 stopte hier de veehandel. De markt is er niet meer, maar de gezelligheid is gebleven.
De Beestenmarkt rond 1880.
Op dit plein vind je ook de Soups & Salads, waar je nu jouw broodje kunt ophalen als je die erbij hebt gekozen. Ook als je geen broodje hoeft op te halen gaan we vanuit hier verder. Op de zijmuur van Soups & Salads zie je een gevelsteen. Kun je ontcijferen wat er staat? Deze steen is in 1611 ingemetseld en verwijst naar het beloofde land in de Bijbel. Het symboliseert een nieuw begin voor Leiden. De steen is in 1938 gerestaureerd en opnieuw geschilderd.
Rond 1930 verdween de veehandel op de Beestenmarkt. Waarom, denk je?
Hier waren meerdere redenen voor. Bovenal was er de verstedelijking, waardoor kleinschalige boeren verdwenen. Bij de groter wordende boerderijen verliep verkoop via contracten, niet meer via het handjeklap op de markt. Daarnaast verdween de noodzaak voor het trekken van voertuigen door paarden. Verder werd de stad steeds drukker, wat het steeds minder geschikt maakte voor het vervoeren en uitstallen van dieren.
🫱🏻 De “handjeklap” is een nationale en eeuwenoude traditie waarbij verkopers en kopers elkaar in de hand sloegen om een deal te bezegelen. Je ziet het afgebeeld op deze prent uit een prentenboek uit 1863.

“Zie, hoe alles is vol leven!
Elk prijst hier om ’t meest zijn waar;
Hand en handslag wordt gegeven,
Spoedig zijn de koopers klaar.”
Hoofdfoto (bewerkt): Michiel Verbeek, CC-BY-SA 4.0. Schilderij herberg, David Teniers the Younger (1658): Wikimedia Commons, CC-0. Foto 1880 en tekening trekschuit: Erfgoed Leiden, public domain. Prent: uit “De Boerderij” van J. Schenkman (1863), de Koninklijke Bibliotheek, public domain.

Oude Singel

Een gracht met een rijke geschiedenis

We lopen de Oude Singel op. Terwijl je langs het water loopt, zie je de statige herenhuizen die ooit toebehoorden aan rijke kooplieden en regenten. Het ritme van het water tegen de kades is hetzelfde als eeuwen geleden. De gevels fluisteren verhalen van welvaart, van schepen die vol 'laken' en specerijen de stad verlieten.

In de middeleeuwen en Gouden Eeuw werd Leiden dankzij het Leids laken groot, rijk en invloedrijk. Het laken was een dicht geweven wollen stof, een soort luxe woltextiel. In de middeleeuwen stond Leids laken voor topkwaliteit in heel Europa! Het werd gebruikt voor mantels, uniformen en deftige kleding.
Een prent van de Lakenhal uit de 17e eeuw.
Al snel zie je aan je linkerhand de Lakenhal. Het is 1639 als deze "Laecken-Halle" gebouwd gaat worden: een statig centrum dat de rijkdom en het prestige van de Leidse lakenindustrie zou weerspiegelen. Het laken werd hier verzameld, gekeurd door keurmeesters en gedistribueerd. Kijk eens naar de prent hierboven, zie je hoe weinig er veranderd is?

De Lakenhal had hier een perfecte, strategische plek. Een paar eeuwen geleden ging al het goederenvervoer over het water, en deze gracht was een drukke handelsroute.
De Oude Singel in 1720. De wandeling gaat zo verder over (een nieuwe versie van) deze brug, en de Marekerk die je hier ziet, zal je zo voorbij lopen.
Zo'n drukke verkeersader door de stad was het overigens niet altijd. Ooit heette deze gracht 'De Singel', wat aangeeft dat het een waterweg om de stad heen was. Tot 1659 was dit de oude grens van de stad! Maar Leiden groeide zo hard dat de stad uitgebreid moest worden. Deze singel werd een gracht, en heet daarom nu 'Oude' Singel.
De Oude Singel rond 1900, met in het midden het huis op nummer 72.
Leiden in de 16e eeuw, toen de Oude Singel nog de noordgrens van de stad was.
De Leidse lakenfabrikant C.H. Krantz had een goed idee; zijn fabriek produceerde nogal wat hete stoom, en hij bedacht een plan om deze stoom nuttig te hergebruiken. Hij liet leidingen aanleggen naar een naastgelegen pand, en opende hier in 1895 een lucratieve business die hij verwarmde met zijn stoom. Kijk naar het pand op nummer 102. Wat was het briljante idee van meneer Krantz?

(De route gaat nu weer een stukje terug over de Oude Singel, naar de Marebrug.)
Een cruciale stap om de wol te verdichten en ontvetten was het vollen. De stof werd lang gekneed in een mengsel van heet water, vuilopnemende klei, en… urine! Welke van de volgende stellingen zijn waar, denk je?

A. Er was een goede handel in urine, en er was een ophaaldienst die urine ophaalde bij alle huizen.

B. Om de beste urine te krijgen lieten ze het een aantal dagen staan voor het werd gebruikt.

C. De urine werd geproefd om de juiste zuurgraad te bepalen.

D. De urine was basisch (net als zeep, het tegenovergestelde van zuur), wat ervoor zorgde dat volders doorgaans zachte handen hadden, in tegenstelling tot bijvoorbeeld wevers.
A. Waar! Er waren zogenaamde piskruiken die men thuis kon ‘vullen’, en deze werden tegen een vergoeding opgehaald.

B. Waar! Verse urine is licht zuur, maar door het een paar dagen te laten fermenteren steeg het ammoniakgehalte, waardoor het beter zijn werk deed.

C. Gelukkig (waarschijnlijk) niet. 😅 Hoewel het proeven van substanties wel werd gedaan om de zuurgraad te bepalen, was het proeven van gefermenteerde urine niet erg veilig. Wel was hier een andere manier voor; als de urine glibberig of zeepachtig aanvoelde, was het fermenteren klaar. 🤢

D. Niet waar. De ammoniak loste het vet in de wol op, maar ook het vet in de huid. De arme volders zaten elke dag met hun handen of voeten in het hete ammoniakwater, en hierdoor hadden ze doorgaans een ruwe, harde, gebarsten huid. Gelukkig kwamen er later machines die dit werk overnamen.
Prent Lakenhal (17e eeuw): Stedenatlas De Wit. (de Nationale Bibliotheek), public domain. Prent Oude Singel (J. van Haastert, 1720) en foto 1900: Erfgoed Leiden, public domain. Kruik (bodemvondst, 17e eeuw): Collectie Museum De Lakenhal, Leiden, public domain.

De Burcht van Leiden

Ouder dan Leiden zelf

De Burcht van Leiden is één van de oudste monumenten van de stad, gebouwd op een kunstmatige heuvel die al in de 11e eeuw werd opgeworpen. In de middeleeuwen had de Burcht een duidelijke functie: vanaf de hoge ringmuur hield men de omgeving scherp in de gaten. Hier kon je vijanden vroeg zien aankomen, maar hier werd ook vaak naar uitgeweken als de rivieren overstroomden.

Die strategische rol kreeg nieuwe betekenis in de 16e eeuw, tijdens de Tachtigjarige Oorlog. In 1573-1574 werd Leiden bijna een jaar lang belegerd door de Spaanse troepen.
Een gravure: het beleg van Leiden, gezien vanuit de Burcht.
Terwijl de bevolking zich binnen de Leidse muren schuilhield, was de Burcht het centrale uitzichtpunt vanwaar men de wijde omgeving en het waterverkeer over de rivieren goed kon zien.

Het volk leed honger, en de situatie leek uitzichtloos. Vanaf de muren keek men uit naar hulp die maar niet leek te komen. Burgemeester Van der Werff sprak het volk moed in, en zou zelfs zijn eigen lichaam hebben aangeboden als voedsel, een verhaal dat tot op de dag van vandaag wordt verteld.
Een prent van de Burcht uit de 17e eeuw.
Uiteindelijk brak op 3 oktober 1574 het ontzet van Leiden door: de Watergeuzen wisten de stad te bereiken via onder water gezette polders, en brachten haring en wittebrood mee. Die dag wordt nog elk jaar gevierd als Leidens Ontzet.

Sta je nu boven op de Burcht, dan zie je geen soldaten meer, geen hongerige menigte, maar een panoramisch uitzicht over kerktorens, grachten en daken. Toch voel je hier nog iets van die oude strijd om vrijheid.
Waar of niet waar?

A. Tijdens de bezetting werd er vanaf de Burcht met kanonnen geschoten naar de Spanjaarden

B. De Watergeuzen konden Leiden bereiken omdat er toevallig net een dijk was doorgebroken

C. De Watergeuzen danken hun naam aan het brengen van water na het Ontzet van Leiden

D. De heuvel onder de burcht is in de 11e eeuw gemaakt door de inwoners van Leiden
Allemaal niet waar. 🙃 De Burcht werd tijdens de Tachtigjarige oorlog alleen gebruikt als strategisch uitkijkpunt. De dijken zijn niet per ongeluk doorgebroken, maar bewust, onder leiding van Willem van Oranje. Dit om de Watergeuzen, die het érg goed deden op het water (en daarom zo heten), vrij spel te geven. De Spanjaarden konden niks met al dat water, en gingen er gauw vandoor. En de heuvel onder de burcht is inderdaad in de 11e eeuw gemaakt, maar de stad Leiden bestond toen nog niet.
Prent: Stedenatlas De Wit (de Nationale Bibliotheek), public domain. Gravure (Karel Klinkenberg, ca. 1880): Erfgoed Leiden, public domain. Prent Watergeuzen (1576): Wikimedia Commons, public domain.

Hooglandse Kerk

Een 14e eeuwse kerk die nooit is afgemaakt

Majestueus zie je haar overal bovenuit komen: de Hooglandse Kerk. Gebouwd op een verhoging, alsof ze Leiden zou beschermen. Al in 1315 stond hier de eerste, kleine versie van deze kerk. Deze werd al snel uitgebouwd, en een eeuw later werd besloten het kerkje om te toveren tot een enorme kathedraal met twee imposante torens. Het zou een van de grootste kerken van Europa worden.

De bouw begon voortvarend, maar door economische tegenslagen en de opkomst van het protestantisme werd de kerk nooit afgemaakt. En toch is wat er staat bijzonder indrukwekkend.
Het sobere interieur dat je vandaag de dag ziet, is het gevolg van de Beeldenstorm in 1566. Altaren en heiligenbeelden werden met grof geweld uit de kerk gesleurd en vernield. De toenmalige burgemeester ondernam, gewapend met een pistool in zijn hand, nog een wanhopige poging om de vernielingen te stoppen. Maar tevergeefs; de stormloop van mensen was te groot om tegen te houden.
Een gravure uit 1675.
In de 17e eeuw wordt er in de kerk druk getrouwd, gedoopt, begraven, en worden de zondagse diensten druk bezocht. Tijdens de kruitramp in 1807 raakt de kerk erg beschadigd, en stort zelfs gedeeltelijk in. De kerk is er hierna erg slecht aan toe, maar gelukkig wordt besloten de kerk te redden.

Dankzij meerdere restauraties in de 19e en 20e eeuw kunnen we vandaag de dag nog genieten van dit onwerkelijke bouwwerk. Van de hoge gotische ramen die het licht naar binnen laten stromen, en van de rijke geschiedenis van eeuwen die je zowel binnen als buiten ervaart.

*De diensten op zondag zijn vrij te bezoeken, en op sommige dagen is de kerk open voor bezoek.

De kerk rond het jaar 1900.
Het interieur van de kerk.
Loop via de Nieuwstraat langs de kerk, tot je bij een pleintje komt waar je de binnenhoek van de kerk goed kunt bekijken (hier is ook de foto uit 1900 genomen). Zie je de ‘aanzetten’ in de muren, waar de rode bakstenen zijn afgewerkt met grijswitte natuurstenen? Dit zijn de plekken waar de bogen van een groter schip hadden moeten beginnen, maar waar nu alleen nog maar wat uitstekende stenen te zien zijn. Als je deze aanzetten ziet, wordt pas goed zichtbaar hoeveel groter de kerk had moeten worden!
🎵 Het orgel van de Hooglandse kerk heeft maarliefst 3.607 pijpen! Het is oorspronkelijk gebouwd in 1565, en is sindsdien door verschillende orgelbouwers uitgebreid en onderhouden.

⛪ De Hooglandse kerk heette eigenlijk de Sint-Pancraskerk zoals ook op de prent te zien is, maar toen Leiden in 1572 overging naar het protestantse geloof, werden de katholieke heiligenverwijzingen verwijderd. De kerk werd sindsdien de Hooglandse Kerk genoemd, naar het Hooge Land, een wat hoger gelegen gebied waar de kerk op gebouwd is.

☀️ De Hooglandse Kerk wordt de “Kerk van het Licht” genoemd. De prachtige lichtinval is te danken aan het ontbreken van de zware gewelven nooit zijn afgebouwd.
Prent en foto uit 1900: Leiden en Omstreken, public domain. Foto interieur 1 en interieur 2 (beiden bewerkt): Zairon, CC-BY-SA 4.0.

De Koornbrug

Een brug met een dak?

De Nieuwe Rijn is vandaag de dag één van de gezelligste grachten van Leiden, vol terrassen en drukke bedrijvigheid. Eeuwenlang was dit een levensader van de stad. Hier kwamen schepen vol graan, hout en haring binnen. Het water was de snelweg van de middeleeuwen, en Leiden lag strategisch in het hart van Holland.

Midden over die gracht ligt de Koornbrug, die in de 17e eeuw werd gebouwd. Aan de naam kun je horen dat er vroeger graanhandel plaatsvond op deze brug. Twee keer per week was hier een graanmarkt, waar bakkers, brouwers en burgers graan kochten.
Een prent van graanhandel op de Koornbrug (ca. 1787).
In de 19e eeuw werd de brug voorzien van een overkapping. En niet zonder reden: bij regen werd het graan nat, en graan moest nu juist te allen tijde droog blijven. Nat graan kon gaan kiemen, schimmelen en rotten, en dan was het onbruikbaar. Het dak was de ideale oplossing.

Zo ontstond er een soort openlucht-markthal, waar handelaren en afnemers elkaar ontmoetten. Tot op de dag van vandaag draagt de brug dat verhaal met zich mee.
Een marktdag rond 1905.
Op dezelfde dagen was er naast de Koornbrug een andere markt: de Botermarkt, waar groente, fruit en zuivel werden verkocht. Je kunt je voorstellen dat het hier dus ontzettend druk was op een marktdag, zowel in de gracht als op de kade! Rond 1930 stopte de graanhandel op de brug, maar de warenmarkt bleef.

Vandaag de dag is de drukke waterweg een gezellige gracht, en de markthal een plaats van ontmoeting. Maar de warenmarkt is er nog steeds, en nog steeds (al ruim 700 jaar!) op woensdag en zaterdag.
Wederom een marktdag rond 1905.
De huidige brug met drie bogen is in 1642 gebouwd. Uit welk jaar dateert de overkapping?
De overkapping is gebouwd in 1825. Je ziet het jaartal op de overkapping staan.
De Koornbrug is niet de enige brug met zo’n sprekende naam. Leiden kent tientallen bruggen, en bijna allemaal vertellen ze iets over het verleden. Neem de Visbrug, waar de vismarkt werd gehouden. Of de Kippenbrug, waarnaast een pluimveemarkt werd gehouden. De Nonnenbrug herinnert aan het klooster dat ernaast zat. En de Rembrandtbrug herinnert aan de beroemdste zoon van de stad die er vlak naast werd geboren.
Prent Koornbrug, Jacob Timmermans (1787) | Foto’s 1905 | Tekening Vismarkt, Jan de Beijer (1759): alle Erfgoed Leiden, public domain.

Het Stadhuis

Een verhaal van verlies en veerkracht

De Breestraat is al sinds de middeleeuwen één van de belangrijkste straten van Leiden. Kwam er koninklijk bezoek, dan werd het gezelschap via de Breestraat door de stad gereden. Hier vind je dan ook het stadhuis van Leiden.

Dit was eeuwenlang het kloppende hart van het stadsbestuur en de rechtspraak. De voorgevel, rijk versierd in renaissancestijl, werd in de 16e eeuw gebouwd en was bedoeld om indruk te maken. Wie voor die gevel stond, wist dat de stad zichzelf serieus nam.
Het stadhuis in 1670.
Maar achter de prachtige gevel schuilt een verhaal van verlies én veerkracht. In 1929 brak er een allesverwoestende brand uit die bijna het hele stadhuis in de as legde. Alleen de voorgevel bleef overeind, als een soort herinnering aan de grandeur van vroeger.

De brand was voor Leiden een enorme klap: eeuwen van geschiedenis en administratie gingen in rook op. (Leidenaren grepen deze kans zelfs aan om een punt achter hun niet meer geregistreerde huwelijk te zetten!)
Koning Willem II (de opa van Koningin Wilhelmina) wordt in 1841 ontvangen met een intocht in de Breestraat.
Toch gaf de stad niet op. Achter de oude gevel werd een nieuw, modern stadhuis gebouwd. Wat je vandaag ziet, is dus een combinatie van oud en nieuw: een historische buitenkant die herinnert aan het verleden, met een binnenkant die de vooruitgang van de 20e eeuw laat zien.

Inmiddels heeft het moderne Stadskantoor veel publieksfuncties overgenomen, en rechtspraak vindt hier niet meer plaats sinds de brand. Maar het stadhuis is nog steeds het politieke en ceremoniële hart van Leiden. Een stille getuige van de Gouden Eeuw in een moderne stad.
Het stadhuis in 1870.
Je ziet hier nog een keer de afbeelding uit 1670. Wat is er allemaal nog hetzelfde? (Je kunt op de afbeelding drukken, en dan inzoomen.)
Het was de nacht van 11 op 12 februari 1929. Het was zo koud, dat de kolenkachels ’s nachts aan moesten blijven, anders was het onmogelijk om de volgende dag te werken in het Stadhuis. Helaas is het hierbij vreselijk mis gegaan. De Leidse brandweer moest ’s nachts uitrukken, maar het blussen ging ontzettend moeilijk; het bluswater bevroor zodra het uit de brandweerslang kwam. In de ochtend stond alleen de gevel nog overeind, en deze leek getransformeerd tot een ijspaleis. Je ziet het op de foto’s hieronder.
Prent “Het Raadhuys”, Cristiaan Hagen (1670) | Lithografie, Arnz & Co (1841) | Foto 1870 | Foto’s 1929: allen Erfgoed Leiden, public domain.

Pieterskerk

Het hart van Leiden, al bijna een millennium lang

Op het Pieterskerkplein vind je de Pieterskerk, gewijd aan Sint Petrus, de heilige die volgens de overlevering de sleutels van de hemel ontving. Deze kerk is de reden dat je in het stadswapen van Leiden twee sleutels ziet. De oorsprong van de kerk gaat terug tot rond 1100, waarna de huidige laatgotische kerk, zoals we die nu kennen, tussen 1390 en 1565 werd gebouwd.
Een gravure uit 1670, met rechts de Pieterskerk.
Valt je op dat er iets mist aan de kerk? Tot maart 1512 had de Pieterskerk een toren van wel 70 meter hoog. Tijdens een hevige storm is de toren ingestort, en daarna nooit meer opgebouwd.

Maar de dominees hadden geen toren nodig om met hun preken de stad door roerige tijden heen te loodsen. Ook was deze kerk het kloppende hart van de Pilgrim Fathers, een groep religieuze vluchtelingen uit Engeland die hier verbleven van 1609 tot 1620 voor ze naar Amerika doorreisden. Hun leider John Robinson ligt begraven in deze kerk, en aan de voorgevel (rechts op de hoek) vind je nog een gedenkplaat uit deze tijd.
De kerk en het Pieterskerkhof in 1782.
Het plein voor de kerk (het Pieterskerkhof) was een ontmoetingsplek voor markten, feesten en bijeenkomsten, maar ook voor aankondigingen en rechtspraak. Het gebouw op de achtergrond in de afbeelding hierboven was het Gerecht, en het staat er nog steeds. Op dit plein werden lijfstraffen uitgevoerd waar iedereen naar kon komen kijken.

Gelukkig liggen dat soort bizarre praktijken in het verleden, maar de vrolijke gebeurtenissen vind je hier vandaag de dag nog steeds, zoals markten, feesten en academische evenementen.

*Tegen entreekosten kun je de Pieterskerk van binnen bekijken, op dinsdag t/m zondag van 11.00 tot 18.00.

Het schilderij hieronder is voor zover bekend de enige afbeelding van de toren die in 1512 instortte. Kun je zien waar de toren heeft gezeten? Het tweede plaatje is een schematische tekening van de kerk nu.
De kerk is meerdere keren in meer of mindere mate gerestaureerd. De meest ingrijpende restauratie begon in 2001 en duurde maarliefst tien jaar. De kosten: ruim € 25 miljoen!
Gravure (1670) en tekening (1782): Erfgoed Leiden, public domain. Foto interieur (bewerkt): H.J. ten Napel, CC-BY-SA 4.0. Schilderij, schilder onbekend (1515): Museum De Lakenhal, public domain. Maquette kerk (uitgeknipt): Architectenburo Veldman Rietbroek Smit, CC-BY-SA 3.0. Foto steiger: J.A.J. van Rijn, CC-BY-SA 3.0.

Eva van Hoogeveenhofje

Op zoek naar kuise maagden

Leiden zit vol met hofjes, en veel daarvan zijn openbaar toegankelijk. Ze werden tussen de 15e en 18e eeuw gesticht door rijke burgers zoals kooplieden of leden uit welgestelde families. De hofjes boden gratis huisvesting aan armen, die verder nergens heen konden.

De motivatie was vrijwel altijd liefdadigheid, en daarmee ook het streven naar een goede plek in de hemel. De stichters deden dat vaak 'uit testament'; de hofjes werden gebouwd van het geld dat overbleef na hun overlijden.
Een portret van Eva van Hoogeveen.
Eva van Hoogeveen kwam uit een zeer invloedrijke en welgestelde familie. Haar vader was een zeer voornaam man in Leiden en bekleedde meerdere belangrijke publieke functies, waaronder die van burgemeester. Eva was een rijke, bewust alleenstaande vrouw.

Ondanks haar rijkdom voelde ze compassie voor vrouwen die het minder breed hadden. Haar wens was een hofje voor vrouwen van 40 jaar en ouder, zonder man om voor hen te zorgen. Eva was zelf een 'kuise maagd', en ze wilde dan ook graag dat er 'kuise maagden en eerbare weduwen' in haar hofje kwamen wonen. Na haar overlijden in 1652 voerden haar executeurs haar wens uit.
Het hofje aan het begin van de 20e eeuw.
Eeuwenlang, tot aan 1971, was dit hofje een veilige haven voor ouderen en armen, die hier werden voorzien in hun levensbehoeften. Vandaag de dag wordt het hofje bestuurd door een stichting, en kan iedereen die hier zou willen wonen zich aanmelden.
Bekijk de tekening hieronder. Hij is gemaakt in 1787 door een tekenaar die rond deze tijd veel hofjes en gebouwen in Leiden heeft vastgelegd. Vergelijk de tekening met het hofje nu. Wat is er allemaal onveranderd?
👵🏻 Het verhaal gaat dat de regenten tot hun frustratie geen twaalf kuise maagden van 40 jaar en ouder konden vinden in heel Leiden. Ze hebben daarom uiteindelijk de focus verlegd naar de tweede categorie: de eerbare weduwen.

🚪De regentenkamer (het vroegere ‘kantoor’) van dit hofje heeft een eigen ingang. Je vindt deze als je het hofje uitloopt en rechtsaf slaat, en bij de Doelengracht weer rechtsaf slaat. Op nummer 7 vind je de deur van de regentenkamer.
Portret Eva (maker onbekend, ca. 1645) | Tekening (Jacob Timmermans, 1787) | Zwartwit foto (fotograaf onbekend, begin 20e eeuw): allen Erfgoed Leiden, public domain.

⠀⠀➜⠀Einde

Je hebt de route voltooid!

Namens het team van Loculy: bedankt dat je met ons op pad bent gegaan. We hopen dat je hebt genoten van de verhalen en geheimen van de stad.

Mocht je nog vragen hebben of iets willen delen over je ervaring, dan kun je altijd contact opnemen met Wouter: ‪+31 646142923‬‬.

Help ons groeien met jouw ervaring!
Als klein team met een grote passie voor steden, helpt jouw ervaring ons enorm om te groeien en nog mooiere routes te maken. Zou je een paar minuten willen nemen om een review achter te laten? Dat zouden we fantastisch vinden.

Nogmaals bedankt en hopelijk tot ziens in een andere stad!

Groeten, Team Loculy